zaterdag 28 juni 2014

Mijn levensroman

Als een rouwproces heb ik afscheid genomen. De personages los gelaten. Meer dan negenhonderd
pagina's lang leefde ik met ze mee. Waren ze deel van mijn leven. Kon ik ze niet uit mijn gedachten laten gaan. Was ik benieuwd of Ada ooit nog uit haar coma zou ontwaken. Of Quinten werkelijk de ontdekking zou doen. De roeping zou volbrengen die erop zijn leven ligt. Daar tussenin nog de vraag of hij ooit zou weten dat Max en niet Onno zijn vader was.
Dan na al die pagina's vol meeslepende emoties sla ik het boek dicht. Haal diep adem en besef me dat ik weer terug in de werkelijkheid ben.
Langzaam heb ik de personages de uitgang laten vinden. Zodat ze uit mijn gedachtes konden ontsnappen.
Mijn eigen leven is het die ik leef. Vol vragen en dromen. Vol emoties en verlangen. Vol met zaken die ik niet begrijp.
Me afvragend of ik net als Quinten het gene ga volbrengen wat erop mijn leven ligt. Wanneer ik de engelen zou horen praten. Met mijn blauwdruk in hun handen. Zouden ze dan vinden dat alles volgens plan verloopt? Zouden ze blij zijn met de organisatie van mijn leven? Zou alles volgens de goede orde verlopen? Hoe vaak zouden ze ingrijpen? Om mij op het juiste pad te houden. Zou er net als in de ontdekking van de hemel een meteoriet aan te pas moeten komen? Gewoon zodat ik koers blijf houden.
Ach ik weet het niet. Wel weet ik, dat ik keer op keer Gods hand zie. Dat op bovennatuurlijke wijze alles, elke keer opnieuw, weer op zijn pootjes terecht komt.
Dat ik erop mag vertrouwen dat ik wandel volgens mijn blauwdruk. Niet omdat ik krampachtig elke beslissing afweeg. Niet omdat ik pas een stap zet wanneer ik zeker weet dat het de juiste is. Niets van dat alles. Mijn wandel gaat volgens plan omdat ik erop vertrouw dat het in Zijn handen ligt. Dat Hij bijstuurt waar nodig. Dat Hij het hele plaatje ziet. Soms met een hoop gedonder ingrijpt en hier en daar met een klein zuchtje wind me de juiste richting in blaast.
Dat is mijn God. Dat is degene waarin ik geborgen ben. Onder Zijn vleugels verblijf ik met mijn gezin. Met mijn eigen kroost en met de gezinshuiskinderen. Ook zij zijn deel van het verbond. Samen met ons mogen ze schuilen tegen de stormen van het leven. Zijn allesomvattende vrede ervaren.
Zo zijn wij weer personages in het grote geheel. In het grote boek des levens. Laat daarom mijn levensroman van historische waarde zijn. Een inspirerende indruk achter laten in de levens van de mensen om me heen.

Uw ogen zagen mijn vormeloos begin;
in Uw boek waren zij alle opgeschreven,
de dagen, die geformeerd zouden worden,
toen nog geen daarvan bestond.
Psalm 139:16

Liefs Pris

2 opmerkingen:

  1. Dat herken ik zeg, dat je zo meeleeft met personages! Ik zit midden in 'The Goldfinch' van Donna Tartt en ik heb hetzelfde... Bijna alsof zij leven waar ik leef, of alsof ik leef waar zij leven!
    Maar ondertussen, Pris, ben jij een hoofdpersoon in het verhaal van drie kinderen met een pittig verleden... Ik vind dat je het zo knap doet samen met Jo! Het lijkt een roman met allerlei ingewikkelde plotwendingen nu, maar Hij weet wat de blauwdruk is, zoals je schrijft!
    Ik ben heel blij dat ik je ken en dat we elkaar steeds beter leren kennen.
    Liefs, M.

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Heel mooi en inspirerend. Dank je wel.

    BeantwoordenVerwijderen