vrijdag 28 november 2014

De schelp

Vies en smerig ligt het daar aan me voeten. Besmeurd met modder.
Gehavend, door het slijk gehaald.
Door de dikke laag vuil is de vorm niet goed zichtbaar. Toch met één blik wist ik wat het was. Geen twijfel mogelijk. Dit is hetzelfde exemplaar. Door alle lagen stof heen, herken ik elke wervel van de schelp. Dit is de schelp. De schelp die ik gekoesterd heb. Die ik los moest laten en dacht kwijt te zijn.

Als de dag van gisteren weet ik nog het allereerste moment. De eerste keer dat ik de schelp in mijn handen hield. Toen leek de schelp smetteloos. Toch direct zag ik de kleine beschadigingen. Aan de zijkant zat een krasje. Bovenop een deukje, die de schelp bijna liet barsten. Juist die oneffenheden bezorgde me kriebels in mijn buik. Wat een blijdschap dat ik deze schelp mocht vasthouden. Mocht bewonderen. Dat juist ik was uitkozen om deze schelp te koesteren.
De buitenkant van de schelp was mooi. Maar ik wist dat deze schelp nog iets mooiers verborgen hield.
Slapeloze nachten. Vermoeiende weken, tranen en verdriet. Op mijn tandvlees lopen en maar hopen dat ik de ontdekking mocht doen. Dat er een dag zou komen dat ik de inhoud van de schelp zou ontdekken.
Eerst dacht ik dat hier en daar wat wrikken zou helpen. Als snel kwam ik tot de conclusie dat, dat onbegonnen werk was.
Eindeloos geduld, veel liefde en vertrouwen. Een omgeving waar de schelp zich veilig zou gaan voelen. Dat zou er uiteindelijk voor zorgen, dat ik een glimp van haar inhoud zou zien.
Het moment dat de schelp zichzelf een klein beetje opende was onvergetelijk. Magistraal zou ik beter kunnen zeggen. Een zee van licht kwam tevoorschijn. Vanuit de kleine spleet werden verschillende kleuren zichtbaar.. Het verlichte de kamer, mijn hart en de harten van de mensen, die net als ik, onder de indruk waren, door de schoonheid van de schelp. Die door de deuken heen keken, en de uniekheid ervan herkenden.
De schelp voelde zich steeds veiliger. Steeds vaker en langer liet ze haar kleuren zien. Op onverwachte momenten deed haar licht de duisternis verdwijnen.
Er was zelfs een moment. Zoals in een sprookje. Waar alles op zijn plek leek te vallen. Vrede de kamer vulde en ik een machtige ontdekking deed. De schelp opende zich iets verder. Mijn mond viel open van verbazing. Daar midden in de schelp. Omhuld door wonderschone kleuren van licht. Zag ik een parel. Ik wist het zeker. Al liet de schelp het me, niet helemaal zien. In het hart van de schelp, was een parel verborgen. De schelp was bijzonder, zonder twijfel, dat wist ik. Maar na het zien van de parel wist ik dat deze schelp uitzonderlijk was. Uniek in haar zijn. Tevens wist ik, deze schelp hoort bij mij.

Zoals dat in verhalen gaat komt er een onverwachte wending. Net nu het verhaal zich als het ideale sprookje aan het ontvouwen is, gebeurt het onverwachte.  De duisternis viel binnen. Voordat ik goed en wel wist wat er gebeurde was ze weg. De schelp was verdwenen. Het raam stond wagenwijd open. Nog zie ik de gordijnen wapperen in de donkere nacht. De schelp was niet helemaal van mij. Hoewel ik wist dat ze bij mij hoorde. Dat ze met mijn ziel verweven was. Was ze niet mijn bezit. Hoe kon dit mogelijk zijn. Ik was haar kwijt. Geroofd uit mijn handen, maar nooit uit mijn hart. Vergeten kon ik haar niet. In mijn dromen zag ik haar. Soms huilde ik in stilte. Verlangde ik naar haar schoonheid.

En nu ik dacht, dat ik haar nooit meer zou vinden. Ligt ze hier aan mijn voeten. Tranen lopen over mijn wangen. Blijdschap want de schelp is er weer. Angst probeert mij te overmeesteren. Door de beschadigingen lijkt ze haar schoonheid verloren te zijn. De deuken en rafels zijn immens. Ik twijfel even, met  moeite vul ik mijn longen met zuurstof. Ik buk en pak de schelp met trillende handen op. Fluisterend vraag ik “Ben jij het echt?” Met mijn vingers voel ik haar vorm. Ze is het. Mijn hart klopt sneller terwijl een onwrikbaar geloof in me groeit. Het zal tijd kosten. Vele hobbels moeten we zien te overwinnen. Maar er gaat een dag komen dat ik de parel weer zal zien. Dat lichten en kleuren mijn kamer vullen. De stralen mijn hart doen verwarmen. Dat de schelp zich weer veilig voelt. Zodat ik opnieuw haar schoonheid mag zien.De weg voor ons is lang. Met kennis en wijsheid zal ik geduldig wachten. Haar koesteren in liefde. Uitzien naar de dag dat de eerste bundels licht te voorschijn komen.

Not flesh of my flesh
Nor bone of my bone,
But still miraculously my own.
Never forget for a single minute,
You didn't grow under my heart,
But in it.


Liefs Priscilla

Geen opmerkingen:

Een reactie posten