dinsdag 27 september 2016

De strijd tegen negativiteit

Negativisme heeft me jaren lang in zijn greep gehouden. Het heeft zich vastgezet in het diepste van mijn ziel. Overschreeuwd met geloofstaal, met een dosis positiviteit, heb ik het weg kunnen drukken, heb ik het lange tijd verborgen kunnen houden, zelfs voor mezelf. Een klap in mijn gezicht, een confrontatie die het er allemaal niet mooier op maakt. Het besef dat ik nooit werkelijk kan genieten omdat er altijd een hoger doel is, een betere keuze, die ik had kunnen maken. Nu pas besef ik me de strijd die al zo lang in mij woekert, mijn ware ik, die ik nooit onder ogen kon komen. Ik wilde vol positiviteit zijn, een soort van goeroe die met krachtige taal elke negatieve gedachte ten gronde zou richten. Bij elke teleurstelling, zag ik altijd nieuwe hoop. Bij elk verdriet was daar altijd wel weer een zonnestraal. Door nooit werkelijk te voelen, de pijn van het verlies, gaf ik negativisme grond om in te woekeren.

Ik kan het dan ook niet langer meer aanhoren. Geloofstaal dat klinkt als; Nou, als dit het niet is dan is er vast iets beters. Of altijd maar die oproep om positief te zijn, zo erg is het ook weer niet, het komt wel weer goed. Houd op, soms komen dingen niet goed, soms is het leven gewoon niet maakbaar. Zo nu en dan moeten we accepteren dat de dingen anders lopen, dat we pijn gedaan zijn. Dat vertrouwen geschonden is en dat het onmogelijk is dat te herstellen.
Er zijn gebeurtenissen in het leven, die we moeten verwerken. Wanneer mensen uit ons leven verdwijnen dan moeten we onszelf toestaan door een proces van rouw te gaan. Het is niet zomaar weer goed, het is niet altijd het beste, soms is daar gewoon een intense pijn van eenzaamheid die we moeten voelen.
We willen zo graag in deze maakbare wereld elke nederlaag als overwinning vieren. We durven de pijn niet te voelen omdat we bang zijn overspoeld te raken door negatieve emoties. Echter deze spiegel laat me zien, dat juist door tijd te nemen, onveranderbare zaken te verwerken, dat, dat werkt als een waar schild tegen deprimerende gedachtengangen. Dat je ondanks die leegte, ondanks dat verdriet, je leert door te zetten en je dromen achterna blijft jagen. Op die wijze, door het leed te accepteren, groeien we boven onszelf uit. Zijn we instaat temidden van de regen te dansen. Bevechten we de negativiteit en zal een onwrikbare positieve levensstroom van binnen gaan stromen. Dus nu even geen tjakka taal voor mij, even geen mantra van overwinnende bijbelversen, nu even niet, ik ga erdoorheen. Ik ga afrekenen met de sluier die mij bedekt, ik ga het leed voelen en onder ogen komen, huilen aan de oever van de rivier om me met haar stromen mee te laten voeren.

De kinderen in mijn huis kan ik niet vertellen, dat het misschien wel beter is zo. Dat het een hoger doel heeft in het leven, dat ze niet kunnen opgroeien bij hun eigen papa en mama. Ik kan ze niet vertellen dat ze het positief moeten bekijken, dat zou harteloos zijn, volkomen los van de realiteit waarmee deze kinderen te dealen hebben. Ik zal ze moeten leren, ondanks dit leed, toch alles uit de dag te halen. Ondanks dat het nooit helemaal goed is, nooit helemaal compleet, er vonkjes schijnen. Hoe vreemd is het dan toch dat wij als volwassenen, altijd direct het positieve moeten zien. Waarom zijn we zo bang te vallen in de put van depressie? Het leven hoeft niet perfect te zijn, ondanks pijn en verdriet kunnen we genieten. Dat is de levenskracht in haar meest unieke vorm. Niet gemaakt, geen overschreeuwende leegte, maar puur en echt.

If you only walk on sunny days, you will never reach your destination. -Paulo Coelho

Liefs Pris






donderdag 15 september 2016

Mijn naaktheid

Ineens, alsof je voor de spiegel staat onder het felle licht van een TL-buis. Niets dat je kan verhullen, naakt, elke afwijking, elke rimpel, vetrandje, litteken, blauwe plek, elke misvorming is zichtbaar. Je wordt geconfronteerd met je naakte zelf op de minst elegante wijze. Geen lapje stof om iets mee te bedekken, hier moet je het meedoen. Kijkend naar jezelf in het volle licht zal je moeten accepteren dat dit het is, hiermee moet je dealen, hiervan zal je uiteindelijk moeten gaan houden.

Ik huil, bij de aanblik van mezelf, ik ben in mijn zoektocht tot een vreselijke ontdekking gekomen. Dat ik al die jaren eigenlijk een hooghartig, neerkijkend en veroordelend persoon ben geweest. Een arrogant mens, die neerkeek op een ieder die niet net als mij het ware geloof aanhing. Het steekt me, het doet pijn in mijn hart, dit besef dat ik altijd alleen maar bezig was, mensen te inspireren, het geloof zo te beleven als ik het beleefde. Ik sprak natuurlijk niet zo, dat is niet de taal die je uit dient te slaan. Maar als overtuigend christen,van toch wel een van de profetische bewegingen in dit land, had ik de waarheid in pacht. Ging ik gesprekken aan met niet gelovige, christenen die niet zo profetisch georiënteerd waren, anders denkende, luisterde naar hun verhalen, maar altijd op een wijze om daar dan op in te haken en te getuigen van mijn waarheid.

Niet echt op een socratische wijze. De dialoog ging ik aan, niet echt om te luisteren. Niet met een houding zelf ook iets te leren. Ik luisterde om uiteindelijk mijn eigen standpunt te kunnen maken. Om eerlijk te zijn ben ik misselijk geworden van mezelf, ben ik tot de ontdekking gekomen, dat christenen een van de meest veroordelende wezens op aarde zijn. Een volk dat neerkijkt, zich beter voelt, alleen maar binnen zijn eigen kaders kan denken en nooit echt oprecht interesse toont.
Afijn hier ben ik opnieuw te veroordelend bezig, val ik direct in oude gewoontes, want hoe kan ik de gehele christelijke bevolking over één kamp scheren? Laat ik het bij mezelf houden, dit is mijn verhaal, deze gruwelijke ontdekking heb ik over mezelf gedaan, temidden van een groot licht dat op me scheen. Dat me ziel belichte en me met schaamte overspoelde, het liefst deed ik het licht snel uit. In het licht van een schemerlampje was het nog wel om aan te zien, maar in dat heldere schijnsel, kon ik alleen maar huilen. Onmiddellijk is daar mijn natuurlijke vluchtinstinct, ik wil wegrennen en deze ontdekking negeren, maar ik heb besloten te blijven staan.
Mijn besluit staat vast ik zal ermee moeten dealen. Ik heb een keuze gemaakt om alles wat ik op mijn ontdekkingstocht tegenkomt, mooi of lelijk, goed of fout, te accepteren en onder ogen komen. Reflecteren, doorzetten en mezelf bevrijden, van datgene wat niet langer meer bij mij hoort.

In Frankrijk oefen ik voor het eerst, met een heel bijzonder stel (die een levenswijze aanhangt, waar ik een maand daarvoor nog een religieuze weerstand tegen had gevoeld) om een socratische dialoog aan te gaan. Ik luister en vraag door, mag mijn verhaal vertellen, en met ze vieren inspireren we elkaar. We leren van elkaar en ik ben dankbaar dat ik dit keer, niet alleen maar daar zat om iets te brengen. Maar dat ik kon ontvangen, dat ik een stukje dichter bij de kern ben gekomen. Dat ik iets van mezelf af heb kunnen leggen en dat ik mag leren te luisteren, naar dat wat de Schepping mij te vertellen heeft. Dat ik Gods grootheid kan zien, buiten de christelijke kaders, dat ik harten mag leren kennen, zielen mag ontmoeten, die op een zoektocht zijn in het leven. Die oprecht een weg bewandelen, om net als mij, uiteindelijk uit te komen, in de hoop te vinden, dat wat de reden van het bestaan is. Om te ontdekken de blauwdruk, die al geschreven was nog voordat een dag ervan bestond. Wie zoekt zal uiteindelijk vinden en voor wie klopt zal uiteindelijk opengedaan worden. Zij die echt oprecht zoekende zijn, zullen ontdekken de mysteries die voor het blote oog verborgen blijven.

The only true wisdom is to know that you know nothing. -Socrates

Liefs Pris


dinsdag 6 september 2016

De nederlaag

Uitgeput ligt ze op de grond, haar hele lijf doet pijn. Het bloed druipt over haar gezicht, ze voelt een scherpe pijn door de wond op haar voorhoofd. Haar handen zijn vies en kapotgeslagen. Tijdens het gevecht ervoer ze een gevoel van euforie, ze voelde dat ze zou winnen. Deze keer was ze sterker, een waardige tegenstander. Ze dacht voldoende ervaring te hebben opgedaan. De littekens in haar huid vertelde haar nooit meer verlies de overwinning is behaald. Die laatste uithaal van het zwaard, die haar voorhoofd bewerkte, kwam onverwachts. Ze ging zo op in haar gevoel van onoverwinnelijk zijn, de adrenaline gierde door haar lijf, maar doordat ze dacht al gewonnen te hebben was ze niet alert genoeg. Een klap, het scherpe ijzer in haar huid, een leegte, een diep zwart gat, een duisternis die haar tegen de grond wierp.

Het strijdveld is leeg, alleen zij ligt daar nog temidden van haar eigen vuil. Een warmte overspoelt haar, ze leeft nog, direct gevolgd door een koelte, die steekt als een pijl, in haar hart. Dit was een tegenslag teveel, ze heeft de kracht niet meer om op te staan. Ze wilt niet weer gewoon maar verder gaan, zo als al die andere keren. De onzekerheid, de angst is te groot, ze kan niet meer.
Strompelend zoekt ze haar weg, naar haar kooi van eenzaamheid. Naar haar kerker, waar ze niets anders heeft dan haar eigen gedachtes. Dit is niet de eerste keer dat ze zich daar in dat hol begeeft. Ze weet dat de eerste nacht het zwaarst zal zijn, dat ze tegen de tranen zal moeten vechten. Weerstand moet bieden tegen gedachtes die haar, voor eens en voor altijd, in de afgrond van depressie willen storten. Ze heeft dit vaker meegemaakt, ze is vaker uit deze duisternis gekropen maar nu even voor het moment, wilt ze dat niet. Het liefst kwijnt ze weg, in zelfmedelijden en geeft ze zich over aan haar angsten. Toch is de strijder in haar sterker dan elk verlies, sterker dan elke tegenslag. Haar Legende roept en zal haar steunen, ook deze nacht wanneer ze opnieuw haar strijd aangaat.
Haar Legende zal naast haar staan, haar troosten, woorden van leven tot haar spreken en haar aan haar dromen herinneren. Op een dag zal ze werkelijk haar Legende leven. Maar nu bevindt ze zich in het hier en nu, deze keer opnieuw, zal ze ondanks alle pijn, op moeten staan. De doorbloeding opgang moeten helpen, zich laten verbinden. Ze zal de pijn moeten voelen en er niet voor weg lopen, de tijd nemen om te herstellen. Ondanks de angst zal ze straks verder gaan en de zon tegenmoed treden. Ze zal lachen, ze zal naar haar nieuwe verworven littekens kijken en beseffen dat haar littekens meer zeggen, meer getuigen, scherper zijn, dan het zwaard dat ze veroorzaakte.

Daar op de koude kille grond valt ze in een onrustige slaap. Haar Legende weet, ook deze keer, komt het goed. De tijd zal haar leren, haar klaar maken, voor het werk dat op haar wacht. Ze moet nog veel leren over de uitdagingen van het leven. Ze is sterk, ze is een winnaar ondanks haar nederlagen. Ze is moedig omdat ze leeft volgens haar dromen. Ze kijkt angst keer op keer in de ogen omdat ze weet, dat een leven dat niet leeft volgens zijn Legende, niet echt leven is. Ze moet haar hart blijven volgen, want verlies in zichzelf is geen nederlaag, het gevecht nooit aangaan wel.  Op een dag zal de wereld haar schittering zien, vonkjes zal ze ontsteken, ze zal vele gevechten winnen en soms niet eens weten van alle gevechten, die al voor haar gestreden zijn.

neergaan is het ergste niet, niet meer kunnen opstaan wel. -Paulo Coelho

Liefs Pris